De genetkat is een nachtactief
dier. Meestal solitair levend, maar soms ook in paren.
De genetkat is een erg goede klimmer! Hij
kan vanaf de grond enkele meters hoog in de boom springen en jaagt vaak
in de bomen en deinst daarbij niet terug om van boom naar boom te
springen. Door zijn prooi lang te achtervolgen lukt het hem vrijwel
altijd om de prooi te vangen wanneer deze uitgeput is. Hij doodt de
prooi door hem met de voorpoten te grijpen en hem vervolgens in de nek
te bijten, waardoor het dier zijn nek breekt. Hij speelt dus niet als
een kat met zijn voeding.
Vogels en kleine
knaagdieren besluipt ie als een echte kat. Ze worden gevangen door een
verrassingsaanval, waarbij de genetkat enkele meters kan springen om een
vogel uit de lucht te kunnen vangen. Het zijn ook echte nestrovers en
hebben een slechte reputatie opgebouwd bij de boeren waar hij graag het
pluimvee dood. Maar daarentegen beschermen ze de oogst van de boeren
door schadelijke knaagdieren te vangen.
De oude egyptenaren hielden de
genetkat dan ook als huisdier om hun woningen muis en rat vrij te
houden. Later kwam hier de gedomesticeerde(huis)kat voor in de plaats.
Ze produceren
dezelfde geluiden als een kat, zoals spinnen, mauwen en blazen. Bij
ernstige bedreiging kunnen ze een muskus-achtige geur verspreiden en een
strook haren op de rug overeind zetten.
Ook de staart kan 2x zo dik worden.
Ze hebben
verschillende geurklieren(wangen, kin, voetzolen) die ze gebruiken om
duidelijk te maken wat hun territorium is en of ze geslachtsrijp zijn.
In gevangenschap zullen beide geslachten deze klieren dan ook gebruiken.
Gelukkig stinkt het niet, een mens ruikt het niet eens. Hun territorium
plasjes geven wel een geur af, deze ruiken naar oude zoete popcorn.
Nieuwe dingen in hun hok/huis zullen dan ook meteen besproeit worden
(ja, ook jassen en tassen van visite)..
Hun slaapplaats houden ze wel schoon, deze mag in de natuur dan ook niet
stinken, om geen vijanden te lokken terwijl ze slapen.
Lichaamshoudingen:
Omdat de
genetkat klein is en laag op de poten staat, staat hij vaak als een
stokstaartje om zo over het hoge gras te kijken. (zie foto rechts)
Het lopen, rennen en springen gaat volkomen geluidloos.
De nagels kunnen dan ook ingetrokken worden als bij een kat.
De lange staart wordt recht naar achteren gehouden een paar cm boven de
grond. Tijdens het klauteren en springen wordt hij gebruikt om in
evenwicht te blijven.
Wat ook erg apart is, is dat ze zich wassen als een konijntje. In de
zithouding terwijl beide voorpootjes synchroon het kopje en snoetje
wassen. Maar ze kunnen ook als een kat de achterpoten de lucht in steken
voor een grondige poetsbeurt.
De oren draaien vaak afzonderlijk van elkaar alle kanten op.
Biotoop:
Vaak te vinden bij waterrijke gebieden. Houdt van hoog gras en dicht
begroeide bossen.
|