Rosse woelmuis
Clethrionomys glareolus
![]()

![]()
Algemeen Uiterlijk Gedrag Voeding Biotoop Bijzonderheden Huisdier Huisvesting Voortplanting Kleuren
nederlandse naam: Rosse woelmuis
latijnse naam: Clethrionomys glareolus
herkomst: vrijwel geheel Europa
lichaamslengte: 9-11 cm
staartlengte: 4-6 cm
gewicht: 20-40 gram
geslachtsrijp: 4-5 wkn
draagtijd: 19-20 dgn
aantal jongen: 3-7 jongen
ogen open: 10 dgn
zoogtijd: 14 dgn
levensverwachting: 18 mnd
Bruine rug met kenmerkende rode gloed. Grijs-bruine flanken. De vachtkleur varieert met jaargetijden en herkomst. De wintervacht is langer, dichter en roder dan de zomervacht.
Vrij slank diertje met een crèmekleurige/vaalwitte buik en een kort tweekleurig staartje.
Witte voetjes.
Dag-/schemer-/nachtdier. Sociaal levend.
Erg nieuwsgierig diertje.
Vrouwtjes wagen zich zelden meer dan 50 meter van hun hol, mannetjes daar in tegen komen veel verder.
De rosse woelmuizen leven meer bovengronds dan andere soortgenoten. Het zijn, in tegenstelling tot andere soorten woelmuizen, eerder klimmers dan gravers.
Zaden, vruchten, bessen, noten, planten en paddestoelen.
In de zomer en tijdens de dracht en zoogperiode ook insecten geven voor de nodige dierlijke eiwitten en proteïnen.
Beter is om meer vogelzaden te verstrekken
dan knaagdierenvoer.
Groente en fruit wordt ook zeer gewaardeerd, maar pas op met peer(diaree).
Veel eten wordt opgeslagen in hol voor slechtere tijden of om het veilig op te kunnen eten.
Bossen, struikgewas en heggen, maar is ook op hoogtes van 4 meter gevonden in nestkastjes.
Rent dicht langs de grond en laat zich vaker zien dan de bosmuis die meestal 's nachts actief is.
Wordt door enkele liefhebbers gehouden.
Laat zich vaak zien.
Fokt bijzonder goed en snel.
Brede bak met voldoende bodembedekking om in te kunnen graven en voldoende hooi voor nestgelegenheid.
Van takken en touwen word graag gebruik gemaakt en niveau's zijn aan te brengen door (bak)stenen en wortelhout.
Meestal werpen ze in een hol met 1 gang zo'n 10cm onder de grond, maar soms ook in holle bomen of zelfs in nestkastjes van vogels.
Het vrouwtje kan vanaf april tot september 4-5 nesten krijgen, zo'n 3-7 jongen per worp. De draagtijd is 19-20 dagen. Na ruim 2 weken verlaten de jongen het nest. Op een leeftijd van 4-5 weken zijn ze geslachtsrijp.
Levensverwachting in het wild is 18 maanden. In gevangenschap is daar nog weinig over bekend.

Kleuren en kleurmutaties
rood-bruin, crèmekleurige buik. ook een albino variant (rode ogen).
![]()